Periode I Thema: Water

Water

Dat was een leuk begin zo na de vakantie.

Eerst even praten over wat ze allemaal nooit op vakantie zien, of nooit horen op vakantie of nooit moeten weggooien op vakantie. Er kwam langzaam wat uit, de hersenen moeten duidelijk even aangezet worden.

Dus maar gelijk door over de hersenen, hoe werken die eigenlijk? Wat zijn neuronen? Wat gebeurt er in je hersenen bij een moeilijke of makkelijk opdracht? 'Ik ben nu heel diep aan het nadenken, dus ik leg nu verbindingen'.

Als je zenuwachtig bent, ga je vaak anders ademhalen. Hoeveel keer haal jij adem per minuut? Borstademhaling, buikademhaling, hoe werkt dat? Ik leg mijn hand op mijn buik en laat zien hoe ik zorg dat ik rustig ademhaal als ik zenuwachtig ben. Dat proberen ze ook uit en verzinnen ondertussen zelf manieren hoe het bij hen beter werkt.

We doen nog ontspanningsoefeningen, dat helpt als je bijvoorbeeld slecht in slaap komt. Verwondering: 'ik voel het nu tot in mijn vingers als ik ademhaal'.

En dan verder met het thema water. Wat weet jij van water? Watermoleculen, vast, vloeibaar, gas, oppervlaktespanning en nog veel meer woorden komen er voorbij.

Hoe kun je water aantonen met custardpoeder, alle vloeistoffen worden uit de kasten gehaald. Eerst bedenken of er water in zit en dan de proef uitvoeren.

En die oppervlaktespanning, hoe zit dat? In een vol glas lijkt het water hol, iets erbij schenken, dan lijkt het water bol. Een waterinsect kan op water staan?

Probeer nu zelf een waterinsect te maken, de 4 poten moeten op het water rusten en zelf kunnen blijven staan. Dat is lastig, 'stomme opdracht, dit kan echt niet, dit duurt veel te lang, ik hou niet van lange opdrachten'. Toch zetten ze door en komt er een mooi waterinsect uit!